Het recht op vrije advocaatkeuze

Het Advokatenkollektief Rotterdam treedt veel op voor mensen die een advocaat niet zelf kunnen betalen. De overheid kan dan subsidie verlenen voor de advocaatkosten, dat wordt een toevoeging genoemd. Meestal moet de cliënt een eigen bijdrage betalen, afhankelijk van de hoogte van het inkomen.

In de volksmond wordt dit ook wel een pro deo advocaat genoemd. Pro deo is Latijn en betekent letterlijk voor God, geen salaris dus. De term pro deo advocaat klopt niet helemaal voor een advocaat die op toevoegingsbasis werkt. Veel maakt dat niet uit, duidelijk is wat met die term wordt bedoeld.

Tegenwoordig hebben ook veel mensen een rechtsbijstandverzekering afgesloten. Als er moet worden geprocedeerd, heeft zo’n verzekerde het recht op vrije advocaatkeuze, de verzekerde mag de advocaat zelf uitkiezen. De verzekerde is dan dus niet verplicht om de advocaat te nemen die de verzekeraar voorstelt. Dat geldt voor een advocaat/jurist die bij de verzekeraar in dienst is, maar ook voor een externe advocaat.

Het is dus goed om u af te vragen of u wilt dat uw zaak door de voorgestelde advocaat/jurist wordt behandeld, of dat u zelf een advocaat wilt uitzoeken. Een goede vertrouwensrelatie en een goede samenwerking zijn van belang voor het verloop van de procedure. U heeft het recht om op zoek te gaan naar een advocaat die bij u past.

Beroeps- of bezwaartermijn tegen een besluit verlopen?

De Algemene wet bestuursrecht is duidelijk:  De bezwaar- en beroepstermijn bedraagt in beginsel zes weken (let op de uitzondering in de Ziektewet, want daarin is de bezwaartermijn soms korter!).  In de praktijk komt het echter regelmatig voor dat iemand pas te laat een besluit onder ogen krijgt en de termijn versterken is. Welke juridische mogelijkheden heeft de burger  dan nog?

Als de burger stelt dat hij het besluit niet heeft ontvangen is het regelmatig  toch mogelijk om nog bezwaar te maken, omdat overheden besluiten meestal niet per aangetekende post versturen en vaak ook niet over een deugdelijke verzendadministratie beschikken. Ook voor de gemeente Rotterdam was dat tot voor kort ook het geval.

Op 8 november 2016 heeft de Centrale Raad van Beroep echter geoordeeld dat het Rotterdamse verzendsysteem Socrates een deugdelijke verzendadministratie is (2016:4237). De rechtbank Rotterdam heeft dit oordeel in een uitspraak van 6 januari 2017 gevolgd (2017:176). Dat houdt in dat de burger de ontvangst van een besluit van bijvoorbeeld W&I van Rotterdam  gemotiveerd zal moeten betwisten. Een simpele ontkenning van de ontvangst van het besluit lijkt niet meer voldoende te zijn.

De uitspraak van 8 november 2016 is wel een uitspraak van één raadsheer geweest in plaats van de gebruikelijke drie. Het is dus afwachten of de Centrale Raad in een meervoudige kamer dit oordeel gaat volgen, maar voorlopig is het wel de lijn die de rechtbank Rotterdam volgt.

De rechtbank Rotterdam heeft  daarnaast op 1 november 2016 (2016:8295) overwogen dat de vraag of de burger de ontvangst van een besluit op niet onaannemelijke wijze heeft betwist wordt beantwoord in het kader van de verschoonbare overschrijding van de bezwaar- of beroepstermijn. Als de burger de ontvangst van een besluit op een niet ongeloofwaardige wijze betwist, dan gaat daardoor niet opnieuw een termijn van 6 weken lopen, maar alleen een termijn van 2 weken. Tenzij de burger op grond van uitlatingen van het bestuursorgaan een beroep op het vertrouwensbeginsel kan doen dat de termijn langer is.

Wat is een niet onaannemelijke betwisting van de ontvangst?

Dit begrip is contextafhankelijk. Wie echter bijvoorbeeld in een telefoongesprek met de gemeente dingen zegt op grond waarvan aangenomen wordt dat men bekend is met het besluit, zal daarna nog moeilijk de ontvangst ervan op een niet onaannemelijke wijze kunnen betwisten.

Wat te doen?

  1. Betwist hoe dan ook de ontvangst van een besluit. Zeker als dit niet per aangetekende post verstuurd is. Het bestuursorgaan moet daar sowieso op reageren.
  2. Maak zodra u het besluit alsnog in bezit krijgt en de bezwaar- of beroepstermijn reeds is verlopen, binnen 2 weken bezwaar of stel binnen 2 weken beroep in.

Let op als u de berichtenbox van MijnOverheid gebruikt.

De bovenstaande rechtspraak lijkt niet zo belangrijk meer te zijn als een overheid (bijvoorbeeld de belastingdienst/toeslagen, maar nog geen gemeenten) besluiten kan plaatsen in de door de burger zelf daarvoor opengestelde berichtenbox van mijn.overheid.nl.  Als de overheid aantoont dat het bericht geplaatst is in de juiste berichtenbox  en een e-mailnotificatie naar het juiste e-mailadres van de burger is verstuurd, dan lijkt het  zonder zeer diepgaande technische informatie erg moeilijk  om de ontvangst van het besluit nog op een niet onaannemelijke wijze te betwisten (zie bijvoorbeeld ECLI:NL:RBAMS:2016:2994).

Te laat bezwaar gemaakt of beroep ingesteld en de ontvangst niet op een aannemelijke wijze betwist?

In dat geval kunt u een nieuwe (herhaalde) aanvraag indienen of een verzoek doen om het juridisch vaststaande besluit te herzien.
Op grond van recente jurisprudentie kan een herzieningsverzoek of een herhaalde aanvraag alsnog inhoudelijk behandeld worden door het bestuursorgaan. Dit is ook mogelijk als er geen nieuwe feiten en omstandigheden aan ten grondslag zijn gelegd (ECLI:NL:CRVB:2016:4872). Het bestuursorgaan mag wel kiezen of het een herhaalde aanvraag of herzieningsverzoek inhoudelijk behandelt of verkort afdoet op grond van artikel 4:6 Awb als geen nieuwe feiten of omstandigheden zijn.

Het is de vraag of deze jurisprudentie veel verschil gaat maken met de bestaande praktijk en of bestuursorganen bereid zullen zijn om herhaalde aanvragen en herzieningsverzoeken  ruimhartiger te beoordelen. Het bestuursorgaan mag hierin een keuze maken. Het is onduidelijk of een bestuursorgaan in bepaalde situaties verplicht kan worden om een herhaalde aanvraag toch inhoudelijk te behandelen.

Naar de toekomst toe is het doen van een nieuwe aanvraag of een  herzieningsverzoek eenvoudiger als er sprake is van een duuraanspraak (zie de uitspraak ECLI:NL:CRVB:2015:1). Uitkeringen zoals bijvoorbeeld een WIA-uitkering zijn meestal duuraanspraken  tenzij het om eenmalig uitgekeerde of teruggevorderde bedragen gaat.

Als de Sociale Dienst een maatregel heeft opgelegd kan tijdens de looptijd van de maatregel  nog een beroep op de inkeerregeling worden gedaan, maar dan moet er wel sprake zijn van een aantoonbare gedragsverandering. In het geval van een boete op grond van de Participatiewet kan de gemeente Rotterdam  onder voorwaarden  om kwijtschelding worden verzocht[1].

Tegen de weigering om een besluit te herzien of tegen de beslissing op de herhaalde aanvraag  kan overigens apart  bezwaar worden gemaakt, maar let op dat de juridische speelruimte daarin  snel beperkt is.

Conclusie

Het beste is om het niet zo ver te laten komen en de post of uw berichtenbox goed in de gaten te houden. Wie te laat bezwaar maakt of beroep instelt, is namelijk afhankelijk van de bereidheid van een bestuursorgaan om nog eens naar de zaak te kijken. In de praktijk is die bereidheid meestal niet zo groot.
Als u bezwaar wilt maken tegen een besluit of in beroep wilt gaan tegen een besluit op bezwaar kunt u sowieso bij een advocaat terecht. Afhankelijk van uw inkomen is meestal gefinancierde rechtsbijstand mogelijk.

Als u vragen heeft over een besluit waarvan de bezwaar- of beroepstermijn verlopen lijkt te zijn of als het onduidelijk is of er een besluit genomen is, dan kunt u voor overleg contact opnemen met een van onze advocaten van de sectie Sociale Zekerheidsrecht of op vrijdag het gratis spreekuur bezoeken.

[1] Zie artikel 7 van de Beleidsregels opschorting, intrekking en terug- en invordering Participatiewet, IOAW en IOAZ Rotterdam 2017