De WMO-uitspraken van 18 mei 2016: Einde resultaatsgebieden in Rotterdam?

Op 18 mei heeft de Centrale Raad een aantal uitspraken gedaan over de toepassing van de nieuwe WMO (NL:CRVB:2016:1402, 1403 en 1404).  Deze uitspraken zijn uitgebreid in het nieuws geweest.  Daarnaast heeft de Centrale Raad op 18 mei 2016 ook nog een uitspraak gedaan in een specifiek Rotterdamse WMO-zaak (NL:CRVB: 2016:1491). In die uitspraak bevestigde de Centrale Raad de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 7 oktober 2014 waarin de rechtbank had geoordeeld dat de door de gemeente bij de beoordeling van WMO-aanvragen gebruikte resultaatsgebieden een objectieve maatstaf missen, omdat de gemeente niet duidelijk maakt op welke concrete wijze invulling wordt gegeven aan de te behalen resultaten (bijvoorbeeld een schoon en leefbaar huis). De Centrale Raad vindt dat het daardoor voor de cliënt onvoldoende duidelijk is welke zorg hij concreet kan verwachten.

Deze zaak speelde nog onder de oude WMO, maar omdat Rotterdam ook onder de nieuwe WMO met resultaatsgebieden werkt is het te verwachten dat de Rotterdamse werkwijze ook nu niet aan de eisen voldoet die de Centrale Raad daaraan stelt.  De gemeente Rotterdam zal daarom de regels moeten aanpassen, maar wethouder De Jonge verwacht dat het werken met resultaatsgebieden gehandhaafd kan blijven, blijkt uit deze brief.

De gemeente zal daarbij wel rekening moeten houden met de andere uitspraken die de Centrale Raad op 18 mei gedaan heeft. De Centrale Raad overwoog in die uitspraken  dat de gemeenteraad en het college bij de uitvoering van de WMO weliswaar een grote beoordelingsvrijheid hebben, maar dat dit wel binnen de kaders van de WMO moet blijven (zie m.n. artikel 2.3.5 lid 3 WMO). Dat houdt in dat een door het college geboden maatwerkvoorziening een passende ondersteuning moet geven aan de participatie van de cliënt die daarvoor in aanmerking komt*. De Centrale Raad vindt daarbij ook dat als uit onderzoek blijkt dat in een concreet geval maatwerk moet worden geboden niet zonder meer met standaardoplossingen kan worden volstaan.

Dit houdt bijvoorbeeld in dat het gebruik van een algemene basismodule van 78 uur per jaar voor huishoudelijke hulp niet zomaar is toegestaan. De gemeente zal objectief moeten onderzoeken of met 78 uur per jaar inderdaad een schoon en leefbaar huis kan worden gerealiseerd en de gemeente kan bij de vaststelling van het aantal uren niet alleen letten op de financiële kaders. De Centrale Raad overwoog daarbij overigens ook dat overleg met gecontracteerde zorgaanbieders en cliëntenraden geen toereikend onderzoek is. De gemeente zal meer moeten doen. Voor wat betreft het realiseren van een schoon en leefbaar huis zal de gemeente Rotterdam dus moeten onderzoeken welke concrete activiteiten daarvoor verricht moeten worden, hoeveel tijd daarvoor  nodig is en met welke frequentie deze activiteiten verricht moeten worden om te kunnen spreken van een schone en leefbare woning.

De gemeente Rotterdam heeft weliswaar een grote beoordelingsvrijheid om te besluiten op welke wijze het de aanvrager ondersteunt en wat een passende bijdrage aan de zelfredzaamheid of participatie is, maar de gemeente moet daarbij wel zorgvuldig te werk gaan.  De gemeente moet de criteria die ze gebruikt baseren op zorgvuldig onderzoek, zal waar mogelijk rekening moeten houden met redelijke wensen van de cliënt en ten slotte moet het voor de cliënt die daarvoor in aanmerking komt ook duidelijk zijn welke ondersteuning hij concreet kan verwachten. Het is dan ook maar de vraag wat er in de praktijk nog over zal blijven van het Rotterdamse indiceren in resultaatsgebieden.

*) De Centrale Raad heeft in de uitspraken van 18 mei overigens niets gezegd heeft over de wijze van invulling van begrippen als ‘eigen kracht’ en ‘gebruikelijke hulp’ in artikel 2.3.5 lid 3 WMO die vooraf gaan aan een maatwerkvoorziening.  Wel overwoog de Centrale Raad uitdrukkelijk dat de zorg voor het schoon en op orde houden van het huishouden een prestatie is die onder de WMO valt.

1 antwoord

Trackbacks & Pingbacks

  1. […] minder de aandacht getrokken. Nu zijn er wel berichten over: zie bv hier (bron: Zorgvisie) en hier (bron: Advokatenkollektief […]

Reacties zijn gesloten.